|
Mieke Etman en Aukje Ferwerda, beiden lid van de landelijke werkgroep Ensemble- voor Wereldvrouwen, bezochten van 2 tot 13 december 2011 de vrouwen in Benin. Doel van de reis was het evalueren van de samenwerking met de vrouwen tot nu toe en het maken van een inventarisatie om te zien hoe het laatste geld voor de vrouwen in Benin het beste kan worden ingezet. Want eind 2012 stoppen we met het project voor microkrediet in Benin.
Sinds 1996 is er al contact met vrouwen in Benin. In de loop der jaren zijn diverse projecten zoals “ervaring als basis” (in samenwerking met de SNV) en “meer vrouwen in besturen” (samen met de VNG) afgerond. Vanaf 2003 bestaat er een samenwerking met Agriterra in Arnhem. We begonnen met vijf vrouwengroepen. Uiteindelijk bleven er twee over waar we mee verder gingen: Tikonna in het noord- westen en Mialébouni in het zuiden van Benin.
In 2006 werd het startsein gegeven voor het project “Microkrediet voor vrouwen in Benin”. Van Stadskanaal tot Zierikzee, van Texel tot Dwingeloo. In het hele land werden activiteiten georganiseerd om geld in te zamelen. Grote en kleine giften vloeiden binnen.
In de afgelopen vijf jaar is er veel gebeurd. De beschikking over een krediet heeft het leven van veel vrouwen en daardoor ook dat van hun kinderen en gezinnen veranderd. Het geld is niet alleen voor krediet ingezet. Al snel werd duidelijk dat les in rekenen en rentabiliteit eigenlijk prioriteit had (missie 2007 Coby Dekker en Ria Rodenburg). Ook werden trainingen gefinancierd in het verkennen van de markt en verbetering van de kwaliteit van de producten. Eenmaal werd bijgedragen aan de aanschaf van materiaal voor het beter kunnen uitvoeren van hun activiteiten. Dit betrof financiering voor een rasp en persen. En eenmaal betaalden we mee aan de bouw van een collectieve schuur voor opslag van de oogst - maïs, sorgum, fonio, rijst, niébé boontjes - (opening schuur oktober 2009: missie Carola Bruinink en Aukje Ferwerda). Hoogtepunt was een tegenbezoek van vier vrouwen uit Benin aan Nederland. Zij waren aanwezig bij het 75-jarig jubileum van de Vrouwen van Nu (missie 2008 Florentine Messan, Monique Gnitona , Antoinette Kouagou en Judith Gnawi).
De eerste vijf dagen bezochten we de vrouwen van Tikonna in het noordwesten van Benin (Boukombé en omgeving). Krispijn van den Dries , van LTO- Noord, reisde hier op verzoek van Agriterra een aantal dagen met ons mee om een bedrijfsplan voor de schuur van Tikonna te maken. Hij onderzocht de mogelijkheden om meer rendement uit deze collectieve opslag te halen. We hadden ’s morgens overleg met enkele vrouwen en gingen ’s middags het veld in. We zagen hoe pinda’s gedopt, gemalen en verwerkt werden tot pindastengels. Een andere groep vrouwen liet zien hoe ze van karitébonen karitéboter maken. Karitéboter wordt gebruikt bij de voedselbereiding en in de cosmetische industrie. Voor dat laatste moet het aan hoge kwaliteitseisen voldoen. Een derde groep gaf een demonstratie van het wassen en stomen van rijst. Een bewerking die ze net hadden geleerd. Hierdoor is de rijst makkelijker te pellen en komen de vitaminen en mineralen uit het vliesje in de korrel. Bovendien hoef je de rijst bij de bereiding minder lang te koken.
Tikonna zit organisatorisch goed in elkaar en telt ongeveer 1000 leden. Het heeft veel jonge leden, is energiek en dynamisch. Monique Gnitona, de animatrice (de begeleidster/ coach van de vrouwengroepen) weet de vrouwen goed te motiveren en te enthousiasmeren. Het systeem van kredietverlening via “tantes en nichtjes” loopt goed. 95 % van de verstrekte kredieten wordt op tijd terugbetaald. Het leidt echter nog onvoldoende tot autonomie. Krispijn geeft de vrouwen enkele opdrachten mee ter voorbereiding op zijn bedrijfsplan voor de opslag.
Na vijf dagen maakten we weer de lange rit terug van Boukombé naar Lokossa, onze standplaats voor de laatste twee dagen. Een reisdag van ruim 8 uur langs 600 km verharde, maar slecht onderhouden weg. Al het noord-zuid verkeer en het transport van de haven van Cotonou naar buurland Togo moet hierlangs. We snappen niet, dat de overheid hier niets aan doet. In Dogbo, het centrum voor de vrouwen van Mialébouni, wachtte ons weer een warm welkom met zang en dans. We kregen een rondleiding door het kantoor en maakten kennis met het personeel en de Conseil Générale (het dagelijks bestuur) van Mialébouni. Mialébouni telt zo’n 50 groepen, waarvan er 30 goed draaien. Daarnaast zijn er ook vrouwen individueel lid. Mialébouni heeft 500 tot 1000 leden. De organisatieopbouw is anders dan bij Tikonna. Ook de verstrekking van krediet gaat anders. Je kunt individueel, maar ook als groep krediet krijgen. Als groep kun je maximaal één jaar geld lenen. Dit lijkt zeer effectief. We zagen bij één van de groepen een demonstratie van de verwerking van maniok tot meel. Het is deze groep gelukt om na een periode van een aantal jaren nu zelfstandig te draaien! Hoe anders was dat bij de mandenvlechtsters. Ze hadden de afgelopen twee jaar weinig in groepsverband gedaan, maar meer ieder voor zich. Jammer, want het is een prachtig ambacht en de groep telt veel jonge leden.
Wij lieten bij beide groepen een Franse vertaling van de Power Point Presentatie zien met onder andere beelden die wij hier bij lezingen gebruiken. Zo kregen ze een idee hoe het geld voor hun in Nederland bijeengebracht wordt. Ook de laatste tas met dekentjes, gemaakt door vrouwen in Noord Holland, werd uitgedeeld. Ze worden niet altijd als dekentjes gebruikt. Als tafelkleedje en aan de muur zijn ze ook heel mooi.
Afscheid nemen doet altijd pijn. Ze vroegen ons met klem de vriendschapsbanden vast te houden en hen te helpen bij het zoeken naar andere partners. De laatste dag vlogen we laat via Parijs weer terug naar huis. Hadden zo nog even tijd om wat souvenirs te kopen. De overgang bij thuiskomst was groot. Van het arme, warme Benin naar het koude regenachtige Nederland met al die luxe en overvloed voor Kerstmis.
Een uitgebreid verslag met conclusies en richtlijnen is nog in de maak. Dit kan te zijner tijd worden aangevraagd of gedownload.
Klik hier voor foto's van de reis.
|